In elke gids (Lonely Planet, Trotter, enz) staat de treinrit van Fianarantsoe naar Manankara aangegeven als een absolute must. Een avontuurlijke rit met een treintje uit deezekes tijd, een 10 tal goederenwagons, drie personenwagons voor tweede klas en één wagon eerste klas. Vorige keer toen ik hier was is deze treinrit niet kunnen doorgaan wegens het slechte weer. Nu heeft het ook héél wat voeten in de aarde gehad om een en ander geregeld te krijgen.
Volgens de ene bron reed de trein niet meer wegens de grote schade die toegebracht werd door de laatste Tyfoons, volgens een tweede bron nog wel maar niet meer tot in Manakara, volgens een derde bron was er niets aan de hand. Na veel over en weer gemail werd er dan eindelijk besloten om mee te rijden tot in Tolongoina. Een klein dorpje boven in de bergen. Onze chauffeur zou ons daar komen ophalen.
De trein heeft zijn eigen ritme en tijd speelt hier totaal geen rol. In elk stationnetje moeten er goederen geladen en gelost worden, zodat de trein soms een half uur tot een uur blijft staan. De lokale mensen proberen hier natuurlijk, en terecht, een handeltje uit te slaan en verkopen een divers allegaartje aan eten. Somosa ( een soort van gefrituurd driehoekje met vlees in), gebraden kip, brood, groenten, rivierkreeftjes en allerlei soorten fruit. Het ziet er allemaal zéér aantrekkelijk uit en kost ook geen geld, maar voor onze Westerse magen wellicht toch een gevaarlijk iets.
Enfin, wij zagen met verwachting uit naar een spannende en avontuurlijke treinreis. Dat het echter zo spannend zou worden hadden we niet verwacht.
Hotel du Lac, een prachtige ressort gelegen aan een mooi meer aan de rand van Fiana en aanbevolen aan de romantische tortelduifjes, eventueel op huwelijksreis… ligt op 50m van het station. We moesten de trein nemen om 8.00 ’s morgens. Wij op tijd uit ons bed, rap ontbijt genomen en klaar om naar het station te gaan. De receptioniste van het hotel begeleidde ons naar de trein en zou onze plaatsen aanwijzen. We waren met zo’n 10 tal toeristen die op deze plaats instapten. We spraken nog een en ander af met Honoré, die ons op het hart drukte om op tijd uit te stappen. Hij zou daar op het station op ons staan wachten, en de reis via GSM op de voet volgen. Hij had de nummers van elk station (zei hij!!!) en kon zo volgen waar we ongeveer zaten. Hij vertrok asap, mét al onze bagage, zonder te wachten op de trein die al wel op komst was.
De trein kwam inderdaad, weliswaar een uur en een half te laat, maar dat bleek niemand te deren. De NMBS zou hier goede punten scoren ….. jawel. De trein bleek overvol, zelfs op de open goederenwagons zaten mensen; en in de laatste wagon, eerste klasse, zat het ook stampvol. De plaatsen bleken genummerd zodat na wat over en weer gehakketak wij onze plaatsen konden innemen, dankzij de receptioniste van ons Hotel . Stel u even voor, een voorhistorische tram 2, banken kapot, geen of halve ramen, propvol met mensen en bagage. In het midden een toilet, of iets dat er moest op trekken. Als de diesellocomotief zijn stank niet zo pertinent aanwezig was, zouden we waarschijnlijk al kokhalzend van de trein zijn afgedoken omwille van een andere stank…..
Enfin, dat was de eerste klas.
Toettoet zei de trein, en het station vertrok, weg waren we. Knal de jungle in met een oorverdovend lawaai over de sporen takketakkend….
De conducteur kwam langs en zei dat we het vijfde station moesten afstappen en dat we een van de medepassagiers ( een klein madammeke met een donkere bril en een bontjas aan, echt iets om in de jungle mee op een trein te zitten) moesten in het oog houden en samen met haar moesten afstappen??. Op dat moment begon ik me stillekes aan af te vragen waar de andere passagiers uit ons hotel dan wel zouden afstappen. In ieder geval niet op dezelfde plaats als wij. Shit!!! Zij reden blijkbaar toch allemaal tot in Manakara…..
Vermits onze bestemming toch zo’n 5 uren treinen was vonden we dit niet zo erg. Na 5 uren hadden we het wel bekeken. Jungle, regenwoud, bossen, bomen, vergezichten, bergen en dalen, watervalletjes, veel tunnels en op elke stopplaats massa’s volk. Gemarchandeer alom…. Deze spoorlijn blijkt voor velen een letterlijke levensader te zijn. We zijn het er al gauw over eens dat het wel de moeite is om dit eens mee te maken maar zo spectaculair of spannend vinden we het nu ook weer niet, of ligt het misschien aan ons? Beginnen we al wat verwend te worden door zoveel prachtige en ongerepte natuur?
Soit, na 4uur en een half bereiken we onze bestemming en stappen we samen met onze bontjas uit de trein. Massa’s volk op en rond het station. Wij wringen ons door de massa naar de voorkant van ons station , amper die naam waardig want bij ons zou daar een boer zijn varkens nog niet in houden! Vooraan geen Jeep? Dan misschien op een andere plaats? Ook niet. Tsijn, Tsijn…. Hij ging hier toch voor ons zijn? Het dorp , één langgerekte straat (allé, rode grond met hier en daar een scherpe kiezel in), allemaal kleine winkelstalletjes, blijkbaar kilometers lang. Voor de rest, niks te zien, Het was er bakkensheet. Wij ons maar voor het station in de ingang gezet waar we een beetje schaduw hadden.
Héél het station was dichtgetimmerd met planken en gaf een totaal verwaarloosde indruk. De laatste keer dat dit onderhouden was, zal zo’n 50 jaar geleden geweest zijn, toen de Fransen hier nog waren. En dat waren ook al zo geen propere gasten…..
Ondertussen begon men goederen uit onze trein te laden en te lossen, en tot dan waren we nog met verschillende toeristen. Geen vuiltje aan de lucht, maar toch begon de twijfel een beetje te knagen. Wat doen we , stappen we terug op en rijden we mee verder, staan we hier wel op het juiste station? Wat als……hoe dan….
We bezagen elkaar eens , overlegden even en ons gezond verstand nam de bovenhand. We blijven hier wachten zoals afgesproken. Een half uur later zagen we dat de trein bijna klaar was en kon ik het toch niet laten om nog héél eventjes met onze conducteur te gaan praten. Le chauffeur n’est pa la??? Olalala, misschien panne onderweg? Hm….
Telefoon içi ? Mais Messieur…. Il n’y a pas de connection içi… pas du tout…
Slik….
Niet erg geruststellende woorden, maar dapper bleven we bij ons besluit: we wachten. Was het de warmte waarvan ik zo begon te zweten, ja, uiteraard…. Wij hebben toch gene schrik zeker…. En toen vertrok de trein, zonder ons… , de Taxi Brousse die ze voor het station vol hadden gepropt met reizigers verdween in een roetwolk door de massa, zonder ons……en ineens stonden we tussen de Malagaschen… geen toerist, of zeg maar blanke meer te bespeuren…. En iedereen bekeek ons zo…. Pff….en iedereen kwam wat dichter bij…. Pff….
Toen begon mijne frank te vallen en begon ik ineens allerlei “ALS-en”…. In te vullen.
Stel dat onze chauffeur onderweg een accident heeft gekregen?
Stel dat we toch op het verkeerde station zijn uitgestapt
Stel dat we elkaar toch misverstaan hebben….. want hier weet je maar nooit. Je mag er nooit van uit gaan dat alles begrepen is. Zelfs al zegt een Malagasch “Ja” dan moet je het nog eens controleren, want…. “neen” zeggen kunnen ze niet. Dus je moet zeer goed opletten hoe je je vraag stelt….
Samen met de warmte en de aandacht van de mensen rondom ons steeg mijn temperatuur. Kalm blijven Marc, helder nadenken…. Preventief werken… rustig blijven en diep ademhalen. Tom en Hans weden met de minuut stiller. Ik ook. Sigaretje opgestoken, iets gedronken want alles plakte…. En nu!???
Een aantal jongere kinderen begonnen ons meer en meer te naderen en begonnen nogal heftig om geld te vragen….. Non, on a pas d’argent…. En onze zakken zaten vol met wat voor hen een fortuin moest zijn….
Slik, slik. Iedereen begon ons te bekijken omdat iedereen ook stilletjes aan begon te beseffen dat wij een probleem hadden. Honderden en honderden donkere medemensen die er met de minuut grimmiger uit begonnen (uiteraard volledig in mijn verbeelding).
Niets doen was geen optie meer en we zakten terug af naar de achterkant van het station, waar we tenminste uit het zicht stonden van al deze honderden mensen die langs de markt liepen.
Ondertussen was er meer dan een uur gepasseerd sedert de trein ons verlaten had.
Onder het motto dat de verdediging de beste aanval was stevende ik af op een nogal fatsoenlijk uitziende jonge gast met wat redelijke kleren aan.
Ik begon dadelijk een babbel met hem en stelde hem een aantal vragen waarop hij in gebroken maar verstaanbaar Frans op reageerde.
Of er in dit dorp een Hotel was: Neen hoor mijnheer, er zijn hier geen hotels.
Zijn er dan misschien nog andere toeristen : neen mijnheer, toeristen komen hier niet, veel te gevaarlijk, zeker wanneer het donder wordt. Lap!!! Tom hoe laat is het??? 14.00u …. Nog 3 ½ uur vooraleer het donker is.
Is er hier ergens een school waar we een leerkracht kunnen aanspreken. Ja zeker enkele honderden meter op de weg.
Oef idee… is er ergens een politiebureau. Ja hoor zo’n drie a vier kilometer verder.
Hoe ver is het naar Ranomafana ( het enige stadje dat ik in de geburen kende) , oeioei méér dan 80 KM…..
Nog een idee : wanneer komt de volgende trein? Morgen rond 14.00 (nog 24.00u te gaan?)
Stationschef? Neen, GSM verbinding, neen……
Pff…..Ondertussen rook de jonge gast zijn kans en begon hij over zichzelf te vertellen en dat hij geld nodig had voor zijn studies en dat hij graag met mij wou corresponderen per e-mail enz. Hij moest eigenlijk al wel terug naar school maar bleef toch nog maar wat bij mij. Ik durf zeggen dat zijn vriendschap mij meer dan welkom was.
Nadat ik alle opties overwogen had besloot ik om nog een uur te wachten, en om dan naar het politiebureau te gaan om te vragen of we daar konden overnachten en morgen de trein terug te nemen…..
Besluit stond vast en ik wou juist wat gaan overleggen met Hans en Tom en dan ineens grote opluchting. In de verte zien we het grijze dak van een Jeep opduiken. Is em het, of is em het nie???
Enkele minuten later komt Honoré aangereden. We waren zo blij als kermisvogels en konden niet rap genoeg in de Jeep zitten. Echter niet zonder mijn tijdelijke vriend een pak geld in zijn handen te duwen. Ik was zo gehaast dat ik begod zelf niet weet hoeveel aryari ik hem in zijn pollen duwde, hem uitvoerig bedankt voor zijn vriendelijke antwoorden. Hij kan er maar goed mee zijn. Het was zeker een verdienstelijke dag voor hem. Op een of andere manier lukte hij er nog in om mij een papiertje in de handen te duwen waarop al zijn gegevens stonden met de vraag om zeker te corresponderen. Doe ik, veluma….. en weg was ik.
Wij den jeep in . Tegen 5 km per uur de ganse lange markt door….
Pff…. Als het had gekunnen , ik had me verstopt. Ik kon geen Malagasch meer zien….
Toen viel ons op dat er ook met Honoré iets niet juist was. De arme man droop van het zweet….en zag vaalbleek. En toen kregen we het hele verhaal… de arme man struikelde over zijn woorden, putte zich uit in verontschuldigingen…. De weg was weg…. Vier jaar geleden was hij hier nog wel geweest, en toen was het nog te doen.
Nu was de weg een ramp. Hij had er meer dan drie uur over gedaan om van de RN 45 km naar Tolongoina te rijden. Op de weg bergen van aardverschuivingen, diepe putten van meer dan een meter, overal slijk…. We zouden het dadelijk merken, want we moesten langs dezelfde weg terug. Even later beseften we wat de arme man had moeten doorstaan. Hij moest het onderste uit de kan halen om de 4x4 overal door te krijgen. En spannend dat dit was. Op sommige plaatsen geraakten we gewoon kompleet vast, zaten we tot aan de ramen in de modder, kletsten we in putten waarin je bijna kon verdrinken. Mensen lief toch….
Het begrip 4X4 kreeg ineens een heel andere betekenis. Reddingsboei…. En wij maar duimen….maar zachtjes aan trok de jeep zich overal door… Oef….. Dit was pas een spannend ritje. Binnen de kortste keren zat ik even hard te zweten als Honoré…. Km na Km hotsten en botsten we verder. Soms deed ik gewoon mijn ogen dicht om niet te moeten zien waar we op of over reden. In de auto was het meestal doodstil. Alle aandacht gefocust op de weg, allé weg?
Plots in het midden van de weg, een grote vrachtwagen. Met daarvoor aan onze kant een andere 4x4 die aan het proberen was om de vrachtwagen er achterwaarts uit te trekken. Geen doorkomen aan. Stopen, uitstappen en gaan kijken. Een twintigtal mensen die ook stonden te kijken. Joost mag weten waar ze vandaan kwamen.
Iemand stond verwoed grond af te graven. Bleek dat die een weg naast de weg aan het graven was zodat de eerste jeep door kon om te proberen de vrachtwagen er langs voor uit te trekken. Uiteindelijk, en op risico van in de ravijn te storten reed de andere 4x4 voorbij de vrachtwagen.
Dan werden beiden met een stalen kabel aan elkaar gebonden en wij allemaal duwen aan de vrachtwagen. Niks gekort, we kregen hem niet uit de putten. Wat we ook probeerden, de vrachtwagen gaf geen krimp.
Na enig overleg besloot de eerste Jeep te gaan halen en besloot Honoré ook voorbij de vrachtwagen te rijden, zoals de eerst Jeep deed. Mensen lief, alle heiligen in de hemel werden aanbeden. En het lukte…. Wij al bibberend in onze Jeep en verder op weg. Ik denk dat de vrachtwagen daar nu nog staat.
Na drie uren hotsen en botsen bereikten we de Route Nationale…. Zalig was dat….
In den pikken donkere kwamen we aan, zo’n vier uur later dan voorzien in ons Hotel in Fiana.
We konden niet laten om een driewerf hoeraatje voor Honré te scanderen. Fantastisch gedaan van onze chauffeur. Dank uw wel beschermengelen….
Van een spannende treinreis gesproken….. achteraf hebben we er eens goed mee gelachen….Zo’n treinreis is voor mietjes…. Maar wat er nadien allemaal kan gebeuren…. Tjonge toch…
We denken er niet meer teveel over na en genieten verder met volle teugen…. Hopelijk vonden jullie het ook een spannend verhaal.
Hans, Tom & Marc, de dappersten aller Vaza’s.
Waarschuwing! Met 3 mensen die hun (eigenlijk onbeschrijfelijke) ervaringen op 1 blog proberen proppen, terwijl we dikwijls geen tijd hebben om te schrijven en in een land waar een internetverbinding een zeldzaamheid is kan dit moeilijk chronologisch verlopen. We zullen proberen onze naam en de datum waar het over gaat er steeds bij te vermelden, hopelijk geraakt u er zo wijs uit en kan u delen in ons avontuur! Marc, Tom & Hans
Hallo jongens,
BeantwoordenVerwijderengelukkig hoorde en las ik dit alles pas als 't voorbij was!
Geniet nog van alles wat je meemaakt en kom liefst heelhuids thuis...
Groetjes,
mamannetantemie